Afspraak maken
Vaccinaties
Net zoals bij mensen kunnen we huisdieren tegen een aantal ernstige aandoeningen vaccineren. We adviseren te vaccineren tegen deze ziekten omdat uw huisdier er ernstig ziek van kan worden en er in sommige gevallen zelfs aan kan overlijden. Omdat de meeste ziekten veroorzaakt worden door virussen bestaat er ook geen specifieke behandeling tegen, dus voorkomen is beter dan genezen. Daarnaast kunnen sommige ziekten ook van dier op mens over gaan (een zoönose) en bij mensen ziekte veroorzaken.
Het doel van vaccineren is het zorgen voor voldoende afweer, zodat het dier niet of minder ziek wordt als het met ziekteverwekkers in contact komt. In deze vaccins zitten meestal verzwakte of dode ziekteverwekkers. De dieren worden niet ziek van deze verwekkers, maar het afweersysteem herkent deze wel en gaat afweerstoffen aanmaken.
De WSAVA (world small animal veterinary association) heeft een vaccinatiegroep die adviezen uitbrengt op basis van wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen worden op regelmatige basis aangepast als er nieuwe wetenschappelijke inzichten zijn. Naar aanleiding van deze inzichten worden vaccinatieschema's gemaakt en worden de ‘noodzakelijke’ vaccinaties bepaald.
We onderscheiden bij dieren de ‘core’ (kern) en ‘non-core’ vaccinaties.
De ‘core’ vaccinaties zijn vaccinaties tegen hondenziekte, besmettelijke leverziekte (hepatitis), parvo en leptospirose. Deze vaccinaties adviseren wij voor de meeste honden. Voor de kat zijn dit de kattenziekte- en de niesziekte vaccinatie.
‘Non-core’ vaccinaties zijn bijvoorbeeld de rabiës vaccinatie en infectieuze hondenhoest. Deze vaccinaties worden in bepaalde situaties geadviseerd of zijn dan zelfs verplicht.
Puppies en kittens
Jonge dieren krijgen van het moederdier afweerstoffen via de melk binnen (indien het moederdier gevaccineerd is), de zogenaamde ‘maternale afweerstoffen’, hierdoor zijn ze de eerste weken beschermd tegen bepaalde ziekteverwekkers. Bij de meeste dieren nemen de maternale afweerstoffen af tussen de 4-12 weken leeftijd. Wanneer deze maternale afweerstoffen dalen hangt af van de hoeveelheid afweerstoffen en de gezondheid van het moederdier en hoe veel en hoe lang een pup/kitten melk heeft gedronken bij het moederdier.
Zo lang jonge dieren deze maternale afweerstoffen nog in hun bloed hebben zullen ze geen afweerstoffen aanmaken door een vaccinatie, daarom willen we niet te vroeg vaccineren. Als we echter te laat vaccineren dan zijn deze dieren een tijdje onbeschermd. Op basis van deze kennis zijn de vaccinatieschema’s voor pups en kittens gemaakt.
Titeren
Wat is titeren?
Bij titeren nemen we wat bloed af bij uw huisdier om vervolgens te testen of er beschermende afweerstoffen in het bloed aanwezig zijn tegen bepaalde ziektes. Dieren krijgen afweerstoffen door vaccineren, door het doormaken van ziekte en door afweerstoffen van het moederdier, de 'maternale afweerstoffen’ (zie hierboven).
Als u met uw huisdier naar bepaalde landen reist kan een titertest voor rabiës verplicht zijn, dit bloed sturen we op naar een laboratorium. Voor distemper, hepatitis en parvo hebben wij een test op de praktijk om te kijken of uw huisdier afweerstoffen heeft. Bij katten is het mogelijk om te titeren voor kattenziekte, dit bloed sturen we dan naar een extern laboratorium.
Voor- en nadelen van titertesten
Titeren kan erg nuttig zijn om voor het dier te bepalen of het dier nog goed beschermd is en daardoor mogelijk het aantal vaccinaties te verminderen. We weten bijvoorbeeld dat bij een volwassen hond de bescherming voor hondenziekte, Parvo en besmettelijke leverziekte na vaccinatie minimaal 3 jaar is, bij sommige honden is dit jaren langer.
Niet voor elke ziekte zijn de afweerstoffen te bepalen. Voor de ziekte van Weil (leptospirose) bij de hond bijvoorbeeld is een titertest niet geschikt, deze ziekte wordt veroorzaakt door een bacterie en geeft een andere manier van immuniteitsopbouw. De neusvaccinatie kennelhoest bij de hond geeft afweerstoffen op de slijmvliezen van de voorste luchtwegen, dit is ook niet in het bloed te meten. Een vaccinatie tegen de ziekte van Weil biedt maar bescherming gedurende 1 jaar, dus hiervoor heeft uw hond alsnog jaarlijks een vaccinatie nodig.
Het is goed om te beseffen dat de uitslag van een titertest (en de eventuele hoogte van de antistoffen) niets zegt over de duur van de bescherming. Dit kan nog een week zijn, een maand of een aantal jaar. Indien een dier bijvoorbeeld ziek wordt kan dit invloed hebben op het immuunsysteem en kunnen deze afweerstoffen snel dalen.
Bij dieren die (allergisch) reageren op vaccinaties, een auto-immuunaandoening hebben, bepaalde medicatie krijgen of bijvoorbeeld bij oudere dieren kan titeren ook erg nuttig zijn. Soms komen dieren uit het buitenland en is de vaccinatiegeschiedenis onbekend, ook dan kan het nuttig zijn om te bepalen of er afweerstoffen aanwezig zijn.
Welke vaccinaties krijgt uw kat?
Niesziekte
‘Core’ vaccinatie
Niesziekte is een verzamelnaam voor een aantal virusinfecties van de bovenste luchtwegen bij de kat. Katten die in groepen leven of veel buiten komen hebben een groter risico om niesziekte op te lopen. De klachten kunnen variëren van erg milde klachten tot ernstige en chronische klachten. We kunnen vaccineren tegen het feliene Calicivirus en het feliene Herpesvirus. De ernst van de klachten kunnen erg variëren. Katten krijgen klachten als niezen, neus- en ooguitvloei, koorts, lusteloosheid en minder tot geen eetlust, in sommige gevallen kunnen katten een longontsteking krijgen. Een secundaire infectie met bacteriën kan het ziektebeeld verergeren, zoals de Bordetella bacterie. Het Calicivirus kan ook blaasjes en zweertjes in de mond veroorzaken met kwijlen als symptoom.
Het Herpesvirus blijft de kat bij zich dragen, op momenten van minder weerstand kan dit virus weer actief worden en opnieuw klachten veroorzaken.
We vaccineren kittens op 9 en 12 weken tegen niesziekte en in de grote cocktail die op 6 maanden leeftijd wordt toegediend. Daarna wordt het vaccin tegen de niesziekte jaarlijks herhaald. In sommige gevallen kan vaker of juist minder vaak vaccineren beter zijn. Wij maken graag in overleg met u een advies op maat.
Kattenziekte
‘Core’ vaccinatie
Kattenziekte wordt veroorzaakt door het feline Parvovirus. Dit is een zeer besmettelijk virus en is vergelijkbaar met het Canine Parvovirus bij honden. Kittens jonger dan zes maanden zijn het meest vatbaar voor de ziekte, maar ook volwassen katten kunnen de ziekte krijgen. Kattenziekte heeft meestal een fatale afloop. De katten krijgen klachten als braken, diarree, lusteloosheid, willen niet eten en hebben soms koorts. Infectie bij drachtige katten kan abortus veroorzaken en hersenschade bij de kittens. Het virus valt, net zoals bij de hond, ook de witte bloedcellen aan waardoor het dier vatbaar wordt voor andere virussen en bacteriën.
We vaccineren kittens op 9 en 12 weken leeftijd en op de leeftijd van 6 maanden. Daarna wordt de vaccinatie tegen kattenziekte elke drie jaar herhaald.
Bordetella Bronchiseptica
Optionele vaccinatie (‘non-core’)
De Bordetella Bronchiseptica bacterie is een veroorzaker van niesziekte. Door middel van een neusdruppel kunnen we katten hiertegen vaccineren. Sommige kattenpensions stellen deze vaccinatie verplicht.
Dit vaccin kan al vanaf 1 maand leeftijd gegeven worden en is een jaar geldig.
Rabiës
Optionele vaccinatie (‘non-core’).
Hondsdolheid of Rabiës is een ziekte veroorzaakt door een virus. In Nederland komt het alleen bij vleermuizen voor. Neem altijd contact met ons op als uw huisdier in contact is geweest met een vleermuis of een vleermuis heeft gevangen.
Hondsdolheid is een dodelijke ziekte voor zowel dier als mens! Hondsdolheid is een zoönose, een kat kan de ziekte op de mens overbrengen.
Na besmetting kan het 3-8 weken duren voordat een dier of mens verschijnselen krijgt (incubatietijd). Het virus geeft een hersenontsteking. Bij katten zien we een verandering in het gedrag, ze worden prikkelbaar en agressief. Daarna krijgen ze last van verlammingen en andere neurologische klachten en sterven 2-3 dagen na het ontstaan van de klachten.
Indien u met uw huisdier de grens over gaat is een Rabiës vaccinatie verplicht, deze mag vanaf 12 weken leeftijd gegeven worden en is dan na 30 dagen geldig (deze tijdsduur kan per land variëren). Een dier mag dus pas na deze periode mee op reis/de grens over. De Rabiës vaccinatie is geldig voor 3 jaar. Voor reizen naar sommige landen of om terug te komen naar de EU is een bloedtest op afweerstoffen verplicht.
Vaccinatieschema kat
Vaccineren is maatwerk, we bespreken tijdens het consult met u welke vaccinaties uw kat nodig heeft. Het basis vaccinatie schema wat meestal gevolgd wordt is als volgt:
| 9 weken | niesziekte en kattenziekte |
| 12 weken | niesziekte en kattenziekte |
| 6 maanden | niesziekte en kattenziekte |
| 1,5 jaar | niesziekte |
| 2,5 jaar | niesziekte |
| 3,5 jaar | niesziekte en kattenziekte |
Hierna jaarlijks niesziekte en 1 keer per 3 jaar kattenziekte. Bij katten die nooit buiten komen, niet in aanraking komen met andere katten en niet naar een pension gaan kan 1 keer per 3 jaar een niesziekte vaccin ook voldoende zijn.
Afspraak maken
Van de Reijtstraat 21
4814 NE Breda
Ma t/m vr: 8:00 - 19:00 uur
Zaterdag: 8:00 - 12:00 uur
Ons team
Dierenkliniek Breda heeft een enthousiast team van dierenartsen en paraveterinairen voor u klaar staan. Zij zijn zeer toegewijd en ervaren op hun vakgebied. Bij Dierenkliniek in Breda staat de aandacht voor uw dier centraal.

ons team
Wat vinden baasjes van onze kliniek?
Gemiddelde waardering: 4,7