Specialisme

Katten

Tandheelkunde

Het gebit

Bij een kitten zien we op twee weken leeftijd de eerste tanden doorbreken. Eerst komen de snijtanden door (op 2 tot 3 weken leeftijd), daarna de hoektanden (op 3 tot 4 weken leeftijd) en als laatste de kiezen (op 3 tot 6 weken leeftijd). Het melkgebit van de kat bestaat uit 26 tanden. De onderkaak bevat 6 snijtanden, 2 hoektanden en 4 kiezen. De bovenkaak bevat 6 snijtanden, 2 hoektanden en 6 kiezen.

Op drie maanden leeftijd wordt het melkgebit vervangen door een permanent gebit. Ook hier wisselen de snijtanden als eerste (op 3 tot 4 maanden leeftijd), dan de hoektanden (op 4 tot 5 maanden leeftijd) en dan de kiezen (op 4 tot 6 maanden leeftijd). Het volwassen gebit van een kat bestaat dus uit 30 tanden. De onderkaak bevat 6 snijtanden, 2 hoektanden, 8 kiezen. De bovenkaak bevat 6 snijtanden, 2 hoektanden, 6 kiezen.

Bij elke kat die op consult komt wordt ook de mondholte onderzocht. Het is best moeilijk voor de eigenaar om de bek te controleren, waardoor afwijkingen in de mondholte vaak pas bij de dierenarts opgemerkt worden. De stand van de tanden, de tanden zelf, het tandvlees, de tong en het verhemelte worden beoordeeld. Processen in de mond, zoals ontstekingen, tumoren, vreemde voorwerpen, voedselresten, zweren, kunnen we zo onderkennen.

Tandenpoetsen, ook voor uw kat

Katten kunnen door slechte gebitsverzorging veel problemen ervaren. Net als bij mensen kunnen ze tandplak en tandsteen krijgen. Dit kan weer leiden tot tandvleesontstekingen, gaatjes, losstaande tanden en bacteriën die via de bloedbaan schade aan de nieren en het hart veroorzaken.

Een slecht gebit geeft bovendien bij katten PIJN. Wanneer katten pijn hebben zult u dit als eigenaar minder merken, omdat ons huisdier altijd zal proberen te blijven eten. Dit is een natuurlijk instinct. Uw kat weet automatisch dat ze zwak worden als ze niet eten. Dus als uw kat nog eet wil dat niet zeggen dat hij of zij geen pijn heeft!

Voorkomen is beter dan genezen

Belangrijk is natuurlijk om tand- en tandvleesproblemen te voorkomen. Veel gebitsproblemen bij katten zijn eenvoudig te voorkomen door een goede dagelijkse gebitsverzorging. Deze kan worden uitgevoerd met behulp van een tandenborstel of tandendoekje met eventueel speciale tandpasta. Gebruik geen tandenpasta voor mensen: hier zit teveel fluoride in. Voor huisdieren die het tandenpoetsen absoluut niet toelaten zijn er ook alternatieven zoals mondwater voor de kat of een speciaal dieet. Deze alternatieven kunnen goed poetsen echter niet compleet vervangen. Dagelijks poetsen blijft nog altijd de beste manier om het gebit van uw kat gezond te houden.

Bel gerust met onze kliniek als u vragen heeft over de gebitsverzorging van uw huisdier. U kunt bij ons een afspraak maken voor een gebitscontrole en uitleg over hoe u het beste de tanden gezond kan houden.

Tandsteen en tandvleesontstekingen

Tandplak is een dun laagje dat dagelijks op de tanden wordt afgezet; het bestaat uit voedselresten, slijm en bacteriën. Indien de plak niet dagelijks verwijderd wordt, verkalkt dit en wordt er tandsteen gevormd. Tandsteen bevindt zich op en tussen de tanden, maar kan ook net onder het tandvlees zitten.

Tandplak geeft aanleiding tot tandvleesontstekingen. Het tandvlees is gezwollen, rood en bloedt sneller. Indien uw kat tandsteen en een tandvleesontsteking heeft, is het aangeraden om dit te behandelen. De tanden worden onder narcose gereinigd en gepolijst. Alle tanden worden gecontroleerd op afwijkingen en als het nodig is worden er dentale röntgenfoto’s gemaakt om de wortels te beoordelen. Losse of afwijkende tanden worden in overleg met de eigenaar getrokken. Een kat kan prima eten en leven met minder of, bij ernstige aandoeningen, zelfs geen tanden. Dit is namelijk veel prettiger dan eten met tanden die pijn doen.

Onbehandelde tandplak en tandvleesontstekingen kan op termijn aanleiding geven tot een chronische ontsteking. Dan kunnen tanden, bevestiging van tanden in het botweefsel van de kaak, de kaak zelf en het tandvlees ernstig aangetast worden. In dit stadium heeft uw kat veel pijn in de mond. Typisch zien we dan dat katten niet echt meer willen eten, voedsel laten vallen of speekselen, en erg stinken uit de mond. Ook kan de kat door de ontsteking erg ziek worden en koorts krijgen, dit gebeurt wanneer de bacteriën in de bloedbaan terecht komen.

Zeker bij hart –en nierpatiënten moeten we extra voorzichtig zijn op gebitsproblemen en dit tijdig behandelen.

Chronische stomatitis

Chronische stomatitis is een  ontsteking van de slijmvliezen in de mondholte. Dit is een zeer pijnlijke aandoening waardoor katten stoppen met eten of minder gaan eten, soms kan je opmerken dat ze zich agressief gedragen ten opzichte van hun eetbak.

Het is aangewezen om bij zulke katten een bloedonderzoek te doen om onderliggende oorzaken uit te sluiten, zoals nierfalen, FIV (kattenaids) en FeLV (kattenleukemie).
We dienen ook een volledig mondonderzoek onder narcose uit te voeren, röntgenfoto’s maken van alle tanden en biopten (kleine stukjes weefsel) nemen van afwijkende letsels in de mond die we kunnen opsturen om te laten onderzoeken in het laboratorium.

Indien we geen onderliggende oorzaken hebben gevonden, moeten al de afwijkende tanden getrokken worden. Na de operatie moet de kat een periode  antibiotica en pijnstillers krijgen. De resterende tanden moeten dagelijks gepoetst worden.

Vaak komt de ontsteking terug en moeten best alle tanden getrokken worden, zodat de slijmvliezen hier niet meer op kunnen reageren. De kat kan prima leven zonder tanden. Ook na deze operatie moet de kat een periode behandeld worden met antibiotica en pijnstillers. Het kan weken tot maanden duren vooraleer de mondholte genezen is.

Indien de ontsteking in de mondholte alsnog terugkomt, kan je de kat proberen te ondersteunen met geneesmiddelen om de levenskwaliteit te verbeteren. Behandeling van hardnekkige gevallen is vaak erg moeilijk.

Letsels van de tandhals (of feliene odontoclastische resorptie-letsels)

Letsels van de tandhals (of feliene odontoclastische resorptie-letsels) zijn letsels die typisch bij de kat voorkomen. Perzen kunnen soms op jonge leeftijd letsels hebben, maar vaak komen de resorptie-letsels voor bij iets oudere katten. De cementlaag (de beschermende laag die de wortel bedekt) en de dentine-laag (laag tussen het tandglazuur en het wortelkanaal) worden hierbij aangetast en de harde tandsubstantie zal op lange termijn verdwijnen (de wortel van de tand wordt vervangen door bot). De tanden verkleuren, gaan snel bloeden en er komen  ‘gaatjes’ in de tanden te zitten. Vaak zijn de letsels geassocieerd met duidelijke  tandvleesontsteking.

We brengen de kat  onder narcose zodat we de mondholte goed kunnen inspecteren. Het is altijd aangeraden om een  dentale röntgen van de tanden te nemen die verdacht zijn van resorptie-letsels. Deze tanden moeten namelijk verwijderd worden. Indien de wortel reeds volledig vervangen is door bot, dient er een kroonamputatie te gebeuren (aangezien de wortel dan niet meer weggehaald kan worden).