Specialisme

Honden

Orthopedische aandoeningen

Fractuur

Wat is een fractuur?

Een fractuur is een botbreuk.

Wanneer treedt een fractuur op?

Na trauma (bijvoorbeeld een val, een aanrijding, een gevecht) kunnen dieren, net zoals mensen, hun botten breken. Maar ook bij bepaalde metabole ziekten, tumoren of voedingstekorten zijn sommige dieren gevoeliger voor botbreuken.

Welke symptomen zien we bij een fractuur?

Dit is afhankelijk van waar de fractuur zich bevindt en of de fractuur open is of niet. Een open fractuur is een breuk waarbij het botuiteinde in contact is met de buitenwereld. De dieren hebben pijn. Bij een botbreuk van ledematen zien we weinig tot geen steunname op de ledematen.

Hoe diagnosticeren we een fractuur?

Soms kunnen we op orthopedisch onderzoek de diagnose al stellen. Vaak heeft uw huisdier erg veel pijn dus is het nodig om uw huisdier onder sedatie te bevoelen en om een röntgenfoto te maken. In het geval van een fractuur worden er altijd röntgenfoto’s gemaakt zodat we kunnen zien om wat voor breuk het gaat en welke behandeling we het beste kunnen inzetten.

Hoe behandelen we een fractuur?

Voor sommige fracturen is alleen hokrust en eventueel een verband nodig. Bijvoorbeeld bij bepaalde schouderfracturen en sommige bekkenfracturen.

De andere fracturen behandelen we met een spalk of een operatie. De keuze tussen deze behandelmethodes is afhankelijk van de fractuur, de patiënt en de eigenaar. Voor de genezing moet uw hond rustig gehouden worden en zeker in de beginperiode krijgt uw hond ontstekingsremmers / pijnstillers ter ondersteuning.

Voor opvolging van de genezing wordt de röntgenfoto na vier tot zes weken herhaald zodat we kunnen beoordelen of de botbreuk mooi geneest.

Wat is de prognose?

De prognose is afhankelijk van het type fractuur, de patiënt en de eigenaar.

De doelstelling van de behandeling is om de breuk te genezen zodat de hond zijn normale fysische activiteit weer kan hervatten. Er kunnen complicaties optreden zoals een slechte botheling, een infectie, opnieuw breken van de breuk.

Panosteïtis

Wat is panosteïtis?

Het is een ziekte van de lange beenderen. In de volksmond spreekt men vaak van ’groeipijnen’. De oorzaak van panosteïtis is nog niet bekend.

Bij welke rassen zien we panosteïtis?

Meestal komt deze aandoening voor bij grote rassen, bijvoorbeeld de Duitse herder of Basset Hound, op een leeftijd van 8 tot 10 maanden. De ziekte kan langere tijd aanhouden maar is meestal tegen de leeftijd van 2 jaar voorbij.

Welke symptomen zien we bij de ziekte?

  • Acuut of geleidelijk mank lopen
  • Vaak verspringt het mank lopen naar een andere poot
  • Soms zijn deze honden ook ziek

Hoe kunnen we panosteïstis diagnosticeren?

Op basis van een orthopedisch onderzoek kunnen we een vermoedelijke diagnose stellen. De honden voelen pijn bij druk op de beenderen. De definitieve diagnose wordt gesteld met een röntgenfoto.

Hoe behandelen we de ziekte?

De ziekte kan met medicatie behandeld worden. Hierbij worden meestal ontstekingsremmers gebruikt om de pijn te verlichten.

Wat is de prognose?

De prognose is gunstig. De ziekte gaat over maar soms kan het even duren voor een hond volledig genezen is. De hond kan opnieuw ziek worden, maar na de leeftijd van 2 jaar worden er meestal geen klachten meer gezien.

Elleboogdysplasie

Wat is elleboogdysplasie?

Elleboogdysplasie is een verzamelnaam voor vier verschillende afwijkingen in de elleboog. Alle vier afwijkingen lijken een genetische oorsprong te hebben.

Bij welke rassen zien we het vaakst elleboogdysplasie?

Meestal komen deze afwijkingen voor bij grote hondenrassen. Denk maar aan een Berner sennenhond, Duitse herder, rottweiler, labrador en golden retriever.

Wat zijn de symptomen?

  • Mank lopen
  • Naar buiten zetten van de ondervoet

Hoe kunnen we elleboogdysplasie diagnosticeren?

De diagnose gebeurt door een combinatie van een orthopedisch onderzoek en een röntgenfoto. Soms is het niet duidelijk genoeg op een röntgenfoto, dus is een CT-scan of een arthroscopie (hierbij gaan we met een camera in het gewricht kijken) nodig.

Hoe behandelen we de ziekte?

De keuze tussen een medicamenteuze behandeling of een behandeling door middel van een operatie hangt van een aantal factoren af. Zoals de mate van het mank lopen, de mate van het letsel en de leeftijd van de hond.

We geven als medicamenteuze behandeling ontstekingsremmers, voedingssupplementen om het kraakbeen te beschermen, een aangepast bewegingsschema en ook het gewicht moet goed onder controle blijven.

Meestal is het nodig om een operatie uit te voeren. Het type operatie hangt af van de soort afwijking. Indien er losse stukjes bot in het gewricht zijn, worden ze verwijderd door middel van een arthroscopie (we gaan op deze manier met een camera in het gewricht kijken en tegelijkertijd het fragment verwijderen) of door middel van een arthrotomie (hierbij gaan we het gewricht openmaken en het fragment verwijderen). Bij bepaalde problemen is het soms nodig om bepaalde beenderen te verlengen.

Uw dierenarts zal alle mogelijkheden verder bespreken.

Heupdysplasie

Wat is heupdysplasie?

Heupdysplasie is een aandoening waarbij het heupgewricht zich afwijkend ontwikkelt. Vaak komt de ziekte in beide heupgewrichten voor. Het is een erfelijke aandoening, maar er zijn ook een aantal factoren die een rol kunnen spelen bij de uiting van de ziekte. Overbelasting van de heupen, snelle groei, overvoeding zijn de belangrijkste factoren.

Bij welke rassen zien we het vaakst heupdysplasie?

Meestal komt deze aandoening bij grote- en reuzerassen voor.

Welke symptomen zien we bij deze honden?

  • Kreupel lopen aan één of beide achterpoten
  • Moeilijk opstaan
  • Pijn na langere inspanningen
  • Stijfheid

Hoe kunnen we heupdysplasie diagnosticeren?

De diagnose gebeurt door middel van een röntgenfoto.

Hoe behandelen we de ziekte?

De keuze tussen een medicamenteuze behandeling of een behandeling door middel van een operatie hangt van een aantal factoren af. Zoals de ernst van het mank lopen, de ernst  van het letsel, de functie van de hond (huishond vs. werkhond) en de leeftijd van de hond.

We geven als medicamenteuze behandeling ontstekingsremmers, voedingssupplementen om het kraakbeen te beschermen, bewegingscontrole, gewichtscontrole en eventueel fysiotherapie.

Soms is het nodig om een operatie uit te voeren. Het type operatie hangt af van de ernst van de kwaal en van de leeftijd en de grootte van de hond. In overleg met de eigenaar worden de opties besproken en de chirurgische techniek gekozen.

Wat is de prognose?

De prognose is afhankelijk van de ernst van de aandoening en de keuze van behandeling. De doelstelling van de behandelwijze is om de gewrichtsfunctie zo goed mogelijk te maken zodat de hond een zo pijnvrij mogelijk leven krijgt.

Voorste kruisbandscheur

De voorste kruisband kan gedeeltelijk of volledig scheuren. Een scheur van de achterste kruisband komt slechts zelden voor.

Wat is de oorzaak van een kruisbandscheur?

Het is een degeneratieve aandoening. Door een minder goede opbouw van het kniegewricht of de kruisband zal uw hond gevoeliger zijn om deze te scheuren. De scheur ontstaat meestal na een trauma, zoals een val of een plotse draai.

Bij welke rassen komt dit het meest voor?

Meestal komt het voor bij grote rassen, zoals de Newfoundlander, Rottweiler, Labrador Retriever, maar ook kleine rassen kunnen het krijgen.

Wat zijn de symptomen?

  • Acuut ontstaan van kreupelheid
  • Knie wordt iets naar buiten gedraaid bij het zitten

Hoe kunnen we een kruisbandscheur diagnosticeren?

Via orthopedisch onderzoek kunnen we twee testen uitvoeren waarbij we kijken of we het scheenbeen van uw hond naar voren kunnen verplaatsen. Meestal moeten we uw hond verdoven om de spierspanning te overwinnen en een bevestigende diagnose te krijgen van een kruisbandscheur. Aansluitend maken we een röntgenfoto om bevindingen te diagnosticeren die geassocieerd zijn met een kruisbandscheur. De kruisband zelf kunnen we namelijk niet op een röntgenfoto zien. Bij twijfelgevallen kan er met een camera in het gewricht gekeken worden om de diagnose te bevestigen.

Hoe behandelen we een kruisbandscheur?

Meestal is er een operatie nodig. Er zijn verschillende operaties mogelijk. De keuze van de operatie wordt besproken met de eigenaar en hangt af van de chirurg, het ras, de eventuele bijkomende ziekten in de knie en de ernst van de aandoening.

Wat is de prognose na een operatie?

De aandoening heeft een gunstige tot licht gereserveerde prognose. Dit wil zeggen dat de meeste honden het na een operatie goed doen. De kreupelheid is dan niet meer aanwezig, maar door bepaalde complicaties kan de kreupelheid nog mild tot matig aanwezig blijven na de operatie. Bijvoorbeeld het ontwikkelen van erge artrose in het gewricht, een bijkomende patellaluxatie, een blijvende instabiliteit van de knie of een infectie zijn een aantal factoren die in de weg kunnen staan.

Honden die een kruisbandscheur hebben gehad aan één knie, zijn ook gevoelig voor een kruisbandscheur van de andere knie. Dit treedt in 40 tot 50 procent van de gevallen binnen twee jaar op.

Patellaluxatie

Wat is een patellaluxatie?

Een patellaluxatie is een verschuiving van de knieschijf buiten de groeve in het bot, waar de knieschijf normaal moet zitten. De knieschijf kan makkelijk uit de groeve worden geduwd of zit altijd naast de groeve aan de binnen– of buitenkant van de knie.

Waarom ontstaat een patellaluxatie?

Het kan genetisch zijn of na een trauma ontstaan.

Bij welke rassen komt de aandoening het meest voor?

De aandoening komt het vaakst bij kleine hondenrassen voor, zoals bijvoorbeeld Teckels, Chihuahua’s. De knieschijf verschuift dan meestal naar de binnenkant. Maar het kan ook bij grote rassen en bij katten voorkomen. Bij grote hondenrassen verschuift de knieschijf vaker naar de buitenkant.

Wat zijn de klachten?

Dit hangt af van de ernst van de aandoening en of het aan één of beide kanten aanwezig is.

  • Vaak zien we honden die af en toe plots kreupel zijn. Ze lopen op drie poten en erna gaan ze weer normaal lopen.

Hoe diagnosticeren we de aandoening?

Via orthopedisch onderzoek kunnen we voelen of er een patellaluxatie aanwezig is. Bij gespannen dieren of erge artrose is het soms duidelijker te voelen onder sedatie. Meestal is een röntgenfoto niet nodig voor een diagnose, maar kan wel nuttig zijn om andere of bijkomende oorzaken van het mank lopen op te sporen en te controleren of er al veel artrose aanwezig is in het gewricht.

Hoe behandelen we een patellaluxatie?

Bij groeiende pups en bij milde gevallen is er geen behandeling noodzakelijk. Vaak is het beperken van beweging en eventueel pijnstillers toedienen wanneer nodig, voldoende.

Bij erge gevallen is een operatie noodzakelijk. Deze operatie wordt door een orthopedische chirurg uitgevoerd.

Wat is de prognose?

De prognose is afhankelijk van de ernst van de patellaluxatie. Bij chronische gevallen en erg misvormde knieën is het mogelijk dat de operatie niet slaagt en het dier opnieuw klachten krijgt. Indien de operatie slaagt is de prognose erg gunstig. Fysiotherapie kan bij sommige dieren helpen om de genezing te optimaliseren.